Auriculo therapie

Door A. van den Bos, arts
Gepubliceerd in tijdschrift FOLIA (algemene nederlandse pharmaceutische studenten vereniging) april 64e jaargang 1977 blz 231, 233, 234

Auriculo-therapie is het gebruik van de oorschelp voor therapeutische doeleinden. Hoewel dit verbazingwekkend lijkt, wordt het wat begrijpelijker als men zich de enorm rijke innervatie en de veelvuldige neurale verbindingen met het centraal zenuwstelsel herinnert. De oorschelp biedt een somatotopische organisatie, die herinnert aan de organisatie op de cortex. Een volledig beeld van het lichaam wordt op het oor geprojecteerd, welk beeld lijkt op de vorm van een foetus met het hoofd onder aan het oor, op de oorlel, terwijl de handen en voeten zich projecteren op het bovenste gedeelte van de oorschelp. Deze overeenkomsten kunnen niet bij de gezonde mens gevonden worden. Alléén als een lichaamsgebied zijn fysiologische evenwicht verliest, dán wordt zijn projectiepunt aan de oorschelp pijnlijk en kan daarmee gevonden worden. Dit vinden van punten op de oorschelp, maakt een therapie mogelijk, die neerkomt op een stimuleren van deze pijnlijke punten met fysische hulpmiddelen als massage, prikken, cauteriseren, elektrisch behandelen, etcetera. Dankzij reflexmechanismen ; bemerkt men daarna veranderingen aan de lichaamsgebieden waar het fysiologisch evenwicht was verstoord. Dit geeft du duidelijke therapeutische mogelijkheden.

In de geschiedenis van onze westerse geneeskunde vinden we aanwijzingen die ons vaag herinneren aan de huidige auriculo-therapie. We weten dat de Egyptenaren bepaalde pijnen behandelden door stimulatie aan de oorschelp. Hippocrates meldde genezingen van impotentie door het veroorzaken van kleine bloedinkjes aan de oorschelp. Door de eeuwen heen kunnen we dit soort aanwijzingen terugvinden. In 1637 beschrijft Zacutus Lusitanus, een Portugees; de behandeling van ischias, door cauterisatie van een punt aan de oorschelp.

De geschiedenis van de huidige auriculo-therapie begint in 1951 toen Docteur Paul F.M. Nogier enkele patiënten zag die van ischias genezen waren, door cauterisatie van een bepaald punt op de oorschelp. De ontdekkingen en ontwikkelingen in deze therapievorm gingen de eerste tijd zeer traag en moeizaam, doch de laatste jaren is de auriculo-therapie in een stroomversnelling gekomen, dankzij het samenwerken van meerdere artsen auriculo-therapeuten met neurofysiologen en diverse andere specialismen, en zeker niet in de laatste plaats door het onvermoeibaar verder zoeken van de bovengenoemde arts Nogier.

Na de ontdekking van het punt aan de oorschelp dat correspondeert met de nervus ischiadicus, kwam al spoedig de ontdekking dat de anthelix correspondeert met de wervelkolom in een omgekeerde projectie. De lumbale wervelkolom is bovenin de oorschelp te vinden, terwijl de cervicale wervelkolom onder in het oor geprojecteerd ligt.

Langzamerhand, aan de hand van ontelbare patiënten met zeer strikte lokale ziekten kwam datgene tot stand wat we de oor-somatotopie noemen. Dit houdt in dat de nervale projectie van de lichaamsgebieden en functies aan de oorschelp, op kaart is gezet en een volledig sluitend geheel bieden. (een schetsmatige afbeelding hiervan ziet U op het bijgaande tekeningetje). Voor de neurofysiologische werkingsmechanismen zal in de context van dit artikel geen ruimte zijn en verwezen moeten worden naar de publicaties van de neurofysiologen prof Dr J. Bossy en Dr R.J. Bourdiol.
Weergave van de oor-somatotopie zoals die gebruikt wordt in de auriculo-therapie.

Naast de oor-somatotopie ontwikkeling is in 1968 een voor de auriculo-therapie zeer belangrijke ontdekking gedaan. De "Reflex auriculo-cardiale" werd toen ontdekt. Eigenlijk heeft deze reflex, die we ook de Nogier reflex noemen, een foutieve benaming gekregen, daar deze reflex in wezen een cutaneo-vasculaire reflex is. Dit houdt in dat, als er ergens op het lichaam (en wij gebruiken dit uiteraard aan het oor) op de huid een micro-stimulus gegeven wordt, zich dat dan toont in een vermeerderde of verminderde perifere doorbloeding, in het bijzonder in de handen. Met deze reflex kunnen we de totale auriculo-therapie controleren op zijn te verwachten effecten bij de patiënt.

Hoe gaan we nu te werk met deze auriculo-therapie? Als we als voorbeeld nemen de patiënt met de tenniselleboog, welke gedurende een tijdje bestaat. De patiënt wordt neergelegd en naar gelang de voortgezette opleiding van de arts auriculo-therapeut gaat het onderzoek aan de oorschelp beginnen aan de hand van de drukpijnlijke plekken, met elektrische detectie apparatuur, of aan de hand van de Nogier reflex, worden de actieve punten aan het oor gezocht. Er wordt gekeken in het gebied van de neurale reflex punten van de elleboog, eventueel naar de beheersende "commando -punten" en eventueel naar de regelsystemen aan de oorschelp.

Deze punten worden al naar gelang het resultaat van het onderzoek behandeld met ófwel massage, ófwel met naaldjes, waarbij we kiezen tussen goud (stimulerend), zilver (remmend) en staal (voor blokkades), ófwel we behandelen met andere fysische hulpmiddelen als elektrische stroompjes met een bepaalde frequentie of bijvoorbeeld met een zeer lichte infrarood laser voor acupunctuur. Als de behandeling gebeurd is, vragen we de patiënt z'n elleboog eens te proberen en er wat druk op te zetten in bepaalde houdingen. Tot de stomme verbazing van patiënt, zowel als van de aanwezigen, horen we dan vaak: "maar de pijn is nu een stuk minder". We vragen patiënt dan na een paar weken terug te komen en te registreren hoelang de pijn minder bleef. Indien de tenniselleboog nog maar een paar weken bestond, zal de pijn in het geheel niet terugkeren en al naar gelang de langdurigheid van het bestaan van de afwijking sneller. Als een dergelijke klacht al 10 of 12 jaar bestond zal er meerdere malen, tot 12 maal toe behandeld moeten worden:

In het algemeen behandelen we met auriculo-therapie allerlei zéér diverse soorten ziektebeelden, van de pijntjes; via de pijnen, naar de meer vegetatieve stoornissen en chronische ziekten. Ook chronische abusis van genots- en verslavingsmiddelen reageren uitstekend op de behandeling.

Literatuur:

Traitē d'auriculatherapie, PFM Nogier, Maisonneuve 1969
Introduction pratique ā I'auriculotherapie, PFM Nogier, Maisonneuve 1977
Bases neurobiologiques des reflexotherapies, Prof. Dr. J. Bossy, Masson 1975
Traité élémentaire d'auriculo-médecine, PFM Nogier et R.J. Bourdiol, Maisonneuve 1977

Tijdschriften:
Auriculo-médecine uitg. Maisonneuve
Der Aurikulo-therapeut uitg. Deutsche Akademie fiir Auriculo Medizin.

Cursussen voor artsen:
Nederlandse Artsen Acupunctuur Vereniging.